PTT’ers vertellen – Harry

De Centrale Bibliotheek verhuist in 2018 naar het oude postkantoor op de Neude. Dit monumentale pand heeft een rijke geschiedenis en krijgt met de Bibliotheek Utrecht een waardevolle herbestemming. De oud-medewerkers van het postkantoor hebben destijds genoeg meegemaakt om boeken vol te schrijven. Om de herinneringen te bewaren hebben we een aantal verhalen vastgelegd. 

Harry
Medewerker bij de PTT
Harry werkte bij het postkantoor op de Neude van 1966 tot 1984. Voor die tijd werkte hij bij andere postkantoren. Destijds was er nog dienstplicht. “Ik wist niet wanneer ik opgeroepen zou worden voor militaire dienst”, vertelt Harry.
Andere werkgevers vonden het te risicovol om hem aan te nemen, maar bij de PTT hadden ze er geen problemen mee. Na een jaar een cursus te hebben gevolgd bij de PTT moest hij in militaire dienst. Twee jaar later kwam hij in vaste dienst van de PTT. Het contract uit 1962 heeft hij zorgvuldig bewaard. Hij had getekend voor een maandsalaris van 181 gulden.

De reden dat Harry bij het postkantoor wilde werken was vanwege het contact met mensen. Ook hield hij ervan om mensen te helpen. “Ik ben binnengekomen als ambtenaar, maar ik heb me nooit ambtenaar gevoeld. Ik ben een mens. Ik hield me aan de regels, maar binnen de kaders wilde ik alles doen wat mogelijk was, en dat is gelukt.”

“Ik ben nog van de generatie:
heb je vaste dienst, dan zit je gebeiteld.”

Harry heeft meerdere functies bekleed tijdens zijn jaren in het postkantoor Neude. Hij heeft naar eigen zeggen alle hoeken van het gebouw wel gezien. Hoewel het pand volgens hem “iets theatraals, iets geweldigs” uitstraalt, vond hij de bezoekers van de kleinere postkantoren net iets leuker. Daar waren namelijk meer vaste klanten. “Dat was ook wel met collega’s, dat wisselde ook meer”, vertelt Harry. “Die werden dan even hier neergezet.”

Desondanks werkte Harry met graag op het postkantoor. Als hij het niet leuk had gevonden, was hij al veel eerder weggeweest, zei hij. “Ik ben nog van de generatie: heb je vaste dienst, dan zit je gebeiteld. Maar dat was niet de reden dat ik bleef. Als ik ervan baalde, was ik weggeweest. Tot de laatste dag, tot het laatste uur heb ik hier met plezier gewerkt.”

Tekst: Nicole Adriaens
Fotografie: Hiske Midavaine

PTT’ers vertellen – Rinus en Co

De Centrale Bibliotheek verhuist in 2018 naar het oude postkantoor op de Neude. Dit monumentale pand heeft een rijke geschiedenis en krijgt met de Bibliotheek Utrecht een waardevolle herbestemming. De oud-medewerkers van het postkantoor hebben destijds genoeg meegemaakt om boeken vol te schrijven. Om de herinneringen te bewaren hebben we een aantal verhalen vastgelegd. 

Rinus en Co
Telegrambestellers bij de PTT
Niet alle vriendschappen zijn voor altijd, maar Co en Rinus zijn al goed op weg. Ze ontmoetten elkaar zestig jaar geleden, niet in het oude postkantoor op de Neude, maar op de vakschool. Ze wilden banketbakker worden. Een vaste baan was echter veel zekerder. “Vast werk, vaste armoe, zeiden ze”, vertelt Rinus. De twee gingen bij de post werken, eerst Rinus, vervolgens Co. Ze waren toen zestien.

“Mijn collega Gerard stond aan een zak geld
te trekken met een van de overvallers”

Co herinnert zich vooral een periode van geluk. “Je was jong, het was gezellig. We zijn altijd met elkaar op vakantie gegaan. Het was net een familie. De jongens onder elkaar konden heel goed met elkaar opschieten, we gingen ook samen met de meiden van de telegraaf uit”. Co en Rinus hielden zich echter niet altijd aan de regels. Zo gingen ze wel eens stiekem bij elkaar achter op de motor telegrammen bezorgen. Eigenlijk mocht dat niet.

Co verliet na tien jaar de post, maar Rinus bleef er werken. Hij heeft zelfs een overval in het postkantoor Neude meegemaakt. “Mijn collega Gerard stond aan een zak geld te trekken met een van de overvallers”, verhaalt Rinus. “Ik zei tegen hem: ‘Gerard, laat los, die klerezooi’, en toen dacht hij na, liet hij los en hebben ze het meegenomen. Ik was niet geschrokken. Er zijn mensen die jarenlang thuis zitten als ze zoiets meemaken, maar wij gingen de volgende dag weer aan het werk”. Co lacht. “Hij is keihard. Het is net Rambo.”

Tekst: Nicole Adriaens
Fotografie: Hiske Midavaine

PTT’ers vertellen – Wiebe

De Centrale Bibliotheek verhuist in 2018 naar het oude postkantoor op de Neude. Dit monumentale pand heeft een rijke geschiedenis en krijgt met de Bibliotheek Utrecht een waardevolle herbestemming. De oud-medewerkers van het postkantoor hebben destijds genoeg meegemaakt om boeken vol te schrijven. Om de herinneringen te bewaren hebben we een aantal verhalen vastgelegd. 

Wiebe
Medewerker bij de PTT
Zelfs toen Wiebe als klein jongetje met zijn moeder naar het postkantoor op de Neude ging, was hij al onder de indruk van het gebouw. Jaren later kwam hij er terug om een administratieve opleiding te volgen in 1978. Hij was toen 19 jaar en nog steeds gefascineerd door de grote hal. “Dan loop je zelf boven door het gebouw, dat is dan heel raar.”

Nog geen tien jaar na zijn opleiding werd Wiebe ingehuurd voor een project om het postkantoor te vernieuwen.  De PTT zat in een overgang van oude apparatuur naar nieuwere techniek. Twee jaar lang was hij bezig om de verbouwing op touw te krijgen.

“Wie had ooit gedacht dat je met een mobiele telefoon op het internet zou komen? Ik ken nog de koelkasten!”

“Het gebouw was eigenlijk helemaal niet geschikt voor computergestuurde apparatuur. Er werd een blanco cheque uitgeschreven. Het gebouw moest aangepast worden, dien maar een plan in, zeiden ze. Het was hard werken, er moest heel veel gebeuren, maar het was een hele leuke tijd.”

Nog steeds ontwikkelde de technologie zich. “Wie had ooit gedacht dat je met een mobiele telefoon op het internet zou komen? Ik ken nog de koelkasten!”, lacht Wiebe. Zelfs toen het project was afgerond, bleef hij niet weg van het postkantoor. Hij legde tijdens zijn werk contacten in en buiten de PTT. In 1998 werd hij gevraagd om een antenne te plaatsen op het dak van het gebouw. “Dat komt zeker omdat ik hier al eerder gewerkt heb”, stelt Wiebe. “Alle hoekjes en gaatjes hier zijn bekend terrein voor mij. Ik blijf maar terugkomen!”

Tekst: Nicole Adriaens
Fotografie: Hiske Midavaine

PTT’ers vertellen – Peter

De Centrale Bibliotheek verhuist in 2018 naar het oude postkantoor op de Neude. Dit monumentale pand heeft een rijke geschiedenis en krijgt met de Bibliotheek Utrecht een waardevolle herbestemming. De oud-medewerkers van het postkantoor hebben destijds genoeg meegemaakt om boeken vol te schrijven. Om de herinneringen te bewaren hebben we een aantal verhalen vastgelegd. 

Peter
Technisch medewerker bij de PTT
Peter was zestien jaar toen hij in het leerlingstelsel bij de PTT in Utrecht begon. Toen hij achttien was begon hij met werken op de tweede verdieping van het postkantoor op het Versterkerstation. Peter deed daar het technisch onderhoud van transmissieapparatuur voor district- en interdistrict verbindingen, daarnaast verzorgde hij ook de doorschakelingen van muzieklijnen en spreeklijnen voor uitzendingen vanuit Utrecht naar Hilversum, zoals kerkuitzendingen en voetbalverslagen. Tegenwoordig gaat dat via satelliet of gsm, maar destijds werden die verbindingen handmatig gemaakt.

Zo werkte Peter regelmatig tot ’s avonds laat en in de weekenden op het versterkerstation, als er sportwedstrijden waren of bij bijzondere evenementen in de stad zoals, toen de Paus Utrecht bezocht in 1985. Ook toen kroonprins Willem-Alexander werd geboren, waren Peter en zijn collega’s druk bezig met extra verbindingen te maken. “Hij is hier in het AZU geboren. Dat betekende voor ons overwerk.”

“Het is gewoon een heel mooi
gebouw. De hal is het mooiste. ”

Peter vertelt dat  zijn collega’s erg collegiaal waren. Ze waren  allemaal met de elektronicatechniek bezig en ondersteunde elkaar met de werkzaamheden. “Toch was er wel een heel duidelijke hiërarchie. Je moest goed kunnen zien wie de chef was, dat werd duidelijk doordat wij stofjassen moesten dragen. Later werd het wat vriendelijker”, vertelt Peter.

In zijn laatste jaren in het postkantoor Neude werkte Peter als opleidingsspecialist voor nieuwe monteurs. Zijn leslokaal zat op de tweede verdieping in het gebouw, maar als hij mensen op bezoek kreeg, gaf hij hen een rondleiding door het gebouw. Ook toen hij later rondleidingen gaf in Utrecht, was het postkantoor op de Neude een vaste stop. “Het is gewoon een heel mooi gebouw. De hal is het mooiste. In Rotterdam staat een zelfde soort Postkantoor, ook van de Amsterdamse School. Maar het Postkantoor de Neude is mooier.”

Tekst: Nicole Adriaens
Fotografie: Hiske Midavaine

PTT’ers vertellen – Thijs

De Centrale Bibliotheek verhuist in 2018 naar het oude postkantoor op de Neude. Dit monumentale pand heeft een rijke geschiedenis en krijgt met de Bibliotheek Utrecht een waardevolle herbestemming. De oud-medewerkers van het postkantoor hebben destijds genoeg meegemaakt om boeken vol te schrijven. Om de herinneringen te bewaren hebben we een aantal verhalen vastgelegd. 

Thijs
Telegraaf bij de PTT
Thijs is begonnen als telegraafambtenaar. Hij nam telegrammen op en tikte ze uit op een zogenoemde bandschrijver. De telegramambtenaren werkten van 6 uur ’s ochtends tot 10 uur ’s avonds. Tijdens werkuren bouwden ze een band met elkaar op. “Als je tot 10 uur ’s avonds zat te praten, had je ook andere gesprekken. Je leerde elkaar goed kennen. We gingen alle trouwerijen af en kenden allemaal elkaars kinderen. Het was een hele hechte club.”

Thijs werkte veertig jaar in het postkantoor op de Neude. Als lid van de personeelsvereniging leerde hij zijn collega’s goed kennen. De personeelsvereniging ging samen op reis en gaf themafeesten.

“We hadden alle formulieren
de lucht ingegooid.”

“Er kwam een keer een man die heel veel geld kwam wisselen. Later bleek het drugsgeld te zijn. Hij gaf een flinke fooi, en eigenlijk mocht dat niet, maar dat ging in de pot voor de personeelsuitjes. Het kwam uiteindelijk het personeel ten goede”, zegt Thijs.

In 1970 werd de telegraaf opgeheven. “We hadden alle formulieren de lucht ingegooid.” Thijs ging werken als kantoorambtenaar in het postkantoor en kwam achter het loket te staan. Vooral de klanten vond hij erg leuk. “Mensen hadden altijd haast”, lacht Thijs. “Dan hadden we de gordijnen dicht bij de loketten, kwamen ze er tussendoor met hun hoofd: ‘Mag ik even wat vragen?!’ Het was een hele leuke tijd.”

Tekst: Nicole Adriaens
Fotografie: Hiske Midavaine

PTT’ers vertellen – Patricia en Koos

De Centrale Bibliotheek verhuist in 2018 naar het oude postkantoor op de Neude. Dit monumentale pand heeft een rijke geschiedenis en krijgt met de Bibliotheek Utrecht een waardevolle herbestemming. De oud-medewerkers van het postkantoor hebben destijds genoeg meegemaakt om boeken vol te schrijven. Om de herinneringen te bewaren hebben we een aantal verhalen vastgelegd. 

Patricia en Koos
Medewerkers bij de PTT
Patricia en Koos leerden elkaar kennen tijdens hun werk in een postkantoor, maar werkten allebei op andere momenten in het postkantoor op de Neude. Patricia werkte in de jaren ’90 als baliemedewerker in het monumentale pand. Ze vond het heerlijk om in de binnenstad te werken. “Ik kwam altijd met tasjes thuis.”

Koos stond van 2010 tot 2011 achter de loketten in het postkantoor Neude. Een paar weken nadat hij vertrok, sloot het postkantoor definitief. “Als het hier morgen openging, stond ik hier overmorgen klaar om te werken”, vertelt hij enthousiast. Het afwisselende werk vond hij erg leuk.

“Als het hier morgen openging,
stond ik hier overmorgen klaar om te werken.”

Het stel herinnert zich nog goed hoe hecht de collega’s met elkaar waren. “Tegenwoordig heb je team building, nou, wat wij hadden was teambuilding en je had het niet eens door”, vertelt Patricia. Als bestuurslid van de personeelsvereniging was ze zeer actief binnen het postkantoor. Om geld in te zamelen voor de reisjes en feestjes die de personeelsvereniging organiseerde, verkochten de collega’s stiekem kaarsen, bekers en foldertjes aan toeristen.  “Het was een beetje een illegale handel”, geeft ze toe. “Daardoor weten we als postkantoormedewerkers best veel van het gebouw. Je moest ook een beetje VVV-medewerker spelen.”

Van de details van de bogen in de grote hal tot feiten over de bouwstijl, het stel kan het zo oplepelen. “Als je ergens in welke stad dan ook een heel mooi, groot gebouw ziet, dan weet je dat het een postkantoor was. Het is heel herkenbaar”, vertelt Koos.

Tekst: Nicole Adriaens
Fotografie: Hiske Midavaine

PTT’ers vertellen – Cor

De Centrale Bibliotheek verhuist in 2018 naar het oude postkantoor op de Neude. Dit monumentale pand heeft een rijke geschiedenis en krijgt met de Bibliotheek Utrecht een waardevolle herbestemming. De oud-medewerkers van het postkantoor hebben destijds genoeg meegemaakt om boeken vol te schrijven. Om de herinneringen te bewaren hebben we een aantal verhalen vastgelegd. 

Cor
Manager bij de PTT
Veertig jaar lang werkte Cor bij de PTT. De laatste vijftien jaar daarvan was hij manager. Hoewel er werd gezegd van ambtenaren dat ze niet zoveel werk klaar kregen, moest Cor behoorlijk hard werken. “We hadden heel veel klanten. Het werd zo druk dat we een zaalwachter nodig hadden. Als mensen geld kwamen halen, stonden er per loket twintig man in de rij. Er waren acht loketten, kun je je voorstellen. Als iemand met pauze ging, moest de zaalwacht komen om de rij af te sluiten.”

Voordat hij begon met zijn werk als manager, was Cor kantoorambtenaar. Vanaf 1972 werkte hij in het postkantoor op de Neude. “We hebben hier ontzettend veel meegemaakt”, vertelt Cor over die tijd. Toen de oliecrisis gaande was, werden de postkantoren ingeschakeld om de benzinebonnen te verdelen. Het postkantoor was ’s avonds later open zodat iedereen hun bonnen konden ophalen. “Het is één grote flop geworden. We hebben ontzettend hard moeten werken om al die dingen te sorteren en uiteindelijk was het voor niks. We werkten veel en veel over, maar het was ook wel met een lach.”

“Ik dacht zelf dat er niet zoveel postkantoren zouden overblijven, maar dat het helemaal weg zou gaan, had ik nooit verwacht.”

Tijdens hun lange dagen bijvoorbeeld gooide de kassier van de geldbank met stapels gebundeld geld naar Cor. Dat waren pakketten van 10.000 euro. Iedereen kon erom lachen, tot de band om de bundel kapot ging en het geld alle kanten op dwarrelde. “We zijn een uur bezig geweest om het geld bij elkaar te zoeken en op het laatst misten we nog 100 gulden. Die was zo onder de kast geschoven. Uiteindelijk hadden we het gevonden, maar het heeft lang geduurd.” Volgens Cor kon er zelfs toen steeds lol gemaakt worden.

In 2006 was Cor’s laatste werkdag. Zijn collega’s hadden hem op deze dag in het oranje uitgedost vanwege het WK voetbal dat ook gaande was. Nederland zou spelen en aan het einde van de dag gingen Cor en zijn oud-collega’s naar de Luifel aan de overkant van de Neude voetbal kijken. Cor vond het vreemd om weg te gaan na al die jaren: “Ik heb er veertig jaar gewerkt. Ik heb nooit verzuimd. Toen ze zeiden dat ik ging stoppen, geloofden ze me eerst niet. Maar ik had het gevoel dat het niet zo goed ging met het postkantoor. Ik dacht zelf dat er niet zoveel meer zouden overblijven, maar dat het helemaal weg zou gaan, had ik nooit verwacht.”

Tekst: Nicole Adriaens
Fotografie: Hiske Midavaine

PTT’ers vertellen – Ronald

De Centrale Bibliotheek verhuist in 2018 naar het oude postkantoor op de Neude. Dit monumentale pand heeft een rijke geschiedenis en krijgt met de Bibliotheek Utrecht een waardevolle herbestemming. De oud-medewerkers van het postkantoor hebben destijds genoeg meegemaakt om boeken vol te schrijven. Om de herinneringen te bewaren hebben we een aantal verhalen vastgelegd. 

Ronald
Medewerker bij de PTT
Ronald werkte van 1982 tot 1990 in het postkantoor Neude. Het was een prachtige tijd, vertelt hij, vooral het nachtwerk. Hoewel het werk officieel om 11 uur ’s avonds begon, waren Ronald en zijn collega’s regelmatig tot in de kleine uurtjes bezig met uitgaan, kattenkwaad uithalen, en sportwedstrijden spelen in de grote hal. “We hebben gevolleybald, en we gingen boven wel eens rondjes wielrennen. Eén rondje was ongeveer 1.05 minuut. We deden wedstrijden: twintig rondjes wielrennen en degene met de slechtste tijd moest shoarma halen.”
Ronald had wel vaker nachtdienst, maar in de nacht van vrijdag op zaterdag was er het minste werk. Met drie mensen werkte hij samen om de post te sorteren, maar ze waren geregeld tot half drie ’s nachts sportwedstrijden aan het houden en feestjes aan het geven in de grote hal.

“We gingen boven wel eens rondjes wielrennen. We deden wedstrijden: twintig rondjes wielrennen en degene met de slechtste tijd moest shoarma halen.”

Meestal deed zelfs de beveiliging van het gebouw mee met de capriolen die Ronald en zijn collega’s uithaalden. “We konden wel controle krijgen, maar ze konden er niet in tot ze aangebeld hadden”, legt Ronald uit. “Dus tegen de tijd dat ze binnen waren, hadden we alles netjes opgeruimd. Als ze na een kwartiertje weg waren, gingen we gewoon weer verder.” Als de mannen uitgingen, namen ze een walkie talkie mee. Dan kon de portier hen laten weten als er controle aankwam.

Het leukste was voetballen in de hal, herinnert Ronald zich. Er was bijna geen schade aan te richten. Soms hadden de postsorteerders geen bal, dus dan propten ze zilverpapier op en deden ze er elastieken van de PTT omheen. De bal stuiterde dan enorm. “We hebben toen een keer een lamp kapotgeschoten. Dat zit zo hoog, dat is niet echt te verklaren. Het is ook wel eens misgegaan met de klok. Dan schoten we de wijzer krom en stond de klok een paar dagen stil op vijf over een ’s nachts.”

Er werden niet alleen sportwedstrijden gehouden in het oude postkantoor. Ronald en zijn collega’s legden ook weddenschappen af. Zo belden ze, met behulp van de informatie van de PTT Telecom, mensen aan de overkant van de straat op en zetten ze geld in op hoe lang het zou duren voordat ze opnamen. “Dan zag je het licht aangaan boven, vervolgens het licht beneden, en dan namen ze op. Nou, dan had je bijvoorbeeld anderhalve minuut gewed en won je pot.”

De sorteerders kwamen echter niet altijd weg met hun nachtelijke escapades en moesten wel eens verantwoording afleggen. De schade aan de lamp in de grote hal werd hun kwijtgescholden en ze kwamen er met waarschuwingen mee weg. “Toen kon dat nog gewoon. Als je nu zou uithalen wat wij allemaal deden, werd je zo op straat geknikkerd.”

Tekst: Nicole Adriaens
Fotografie: Hiske Midavaine

PTT’ers vertellen – Albert

De Centrale Bibliotheek verhuist in 2018 naar het oude postkantoor op de Neude. Dit monumentale pand heeft een rijke geschiedenis en krijgt met de Bibliotheek Utrecht een waardevolle herbestemming. De oud-medewerkers van het postkantoor hebben destijds genoeg meegemaakt om boeken vol te schrijven. Om de herinneringen te bewaren hebben we een aantal verhalen vastgelegd. 

Albert
Medewerker bij de PTT
Albert werkte oorspronkelijk in een postkantoor in Oog in Al. Omdat hij te weinig uren maakte, werd hij af en toe ingezet in het postkantoor op de Neude. Later werkte hij er fulltime. “In Oog in Al heb ik wel eens op een dag maar vier klanten gehad”,  vertelt Albert. “Dan gaat de tijd langzaam. In de Neude ging de tijd lekker snel. Het was heel vaak heel druk.”
Het werk was gevarieerd. Albert werkte aan verschillende loketten, bijvoorbeeld bij de gelddienst of de postzegeldienst. Er kwamen ook mensen om te bellen met vrienden, familie of zakenpartners naar het buitenland. . “Dan wilden ze bijvoorbeeld bellen naar Suriname. Die persoon ging zitten wachten en wij probeerden om contact te krijgen met Suriname. Dat duurde soms een uur, of een dag. Dan was die persoon er niet of stond de telefoon niet aan. Als je ze eenmaal te pakken had gekregen, konden mensen met elkaar bellen.”

“Het was een hechte gemeenschap hier.
We waren heel collegiaal.”

Net als een aantal andere oud-medewerkers vond ook Albert de liefde in het oude postkantoor. Hij had zijn vrouw al eens gezien op school toen ze jonger waren, maar hij had verder niet meer aan haar gedacht. Tot ze elkaar weer zagen tijdens hun werk in het postkantoor. Een collega probeerde de twee te koppelen. “Dan zei ze tegen mij: “ga je wat doen met haar?” en tegen haar “hij vindt jou leuk!” Het was echt een koppelaarster.”

Al snel was men erachter gekomen dat de collega’s een relatie hadden, terwijl dit niet toegestaan was. Albert werd naar de directiekamer geroepen. “Regels zijn er om gebroken te worden”, vindt Albert. Ze mochten bij elkaar blijven als ze maar niet allebei aan het loket werkten. “Mijn vrouw vond het niet erg om ander werk te gaan doen. Het was wel vreemd, want er waren genoeg anderen die een stelletje waren. Zelfs de vrouw van de manager werkte hier ook. Maar we hebben ons niet gek laten maken.” Inmiddels zijn Albert en zijn vrouw al 28 jaar getrouwd.

Ook collega’s hielpen maar al te graag mee om de geliefden samen te houden. Zo kon Albert gemakkelijk diensten ruilen zodat hij tegelijk met zijn toen nog vriendin naar huis kon. De werkverdeler die de roosters maakte, zorgde er ook voor dat Albert en zijn vrouw samen op vakantie konden. “Het was een hechte gemeenschap hier. We waren heel collegiaal. Toen ik hier weg was en op mijn andere werk probeerde te ruilen van dienst, deden ze wel een stuk moeilijker.”

Tekst: Nicole Adriaens
Fotografie: Hiske Midavaine

PTT’ers vertellen – Joke

De Centrale Bibliotheek verhuist in 2018 naar het oude postkantoor op de Neude. Dit monumentale pand heeft een rijke geschiedenis en krijgt met de Bibliotheek Utrecht een waardevolle herbestemming. De oud-medewerkers van het postkantoor hebben destijds genoeg meegemaakt om boeken vol te schrijven. Om de herinneringen te bewaren hebben we een aantal verhalen vastgelegd, zoals dat van Joke. 

joke_lowres

Joke
Telegrafiste bij de PTT
“Ik was nog niet eens geslaagd voor de MULO toen ik hier kwam werken”, vertelt Joke. Haar broer was telegrafist in het leger. Het werk trok haar wel aan en dus solliciteerde ze op zestienjarige leeftijd bij de PTT. Joke moest een opleiding volgen van ruim vier maanden.
Ze moest in die tijd alle afkortingen van Nederlandse plaatsen uit haar hoofd leren. Daarnaast moest ze 214 aanslagen per minuut kunnen typen, zonder fouten. Samen met nog veertien andere meisjes volgde Joke de opleiding. “Onderling met collega’s was het heel gezellig. We kwamen bij elkaar op de verjaardag, en gingen samen uit. We hebben twee keer een reünie gehad.”

“Het leukste aan het werk was hoe
afwisselend het was.”

joke_closeup_lowres

Samen met een collega liep Joke de Nijmeegse Vierdaagse. Vijftig jaar later vond ze haar medewandelaar terug met behulp van een artikel in de Oud-Utrechter en andere oud-collega’s. “We waren niet veranderd”, vertelt ze. “Of nou ja, eigenlijk wel, maar als ik haar nu tegen zou komen, zou ik haar meteen herkennen.” Het leukste aan het werk was hoe afwisselend het was, meent Joke. Naast telegrammen uitschrijven, administratief werk en werken aan de telex, zat ze wel eens aan het loket in de grote hal. Destijds stonden er telefooncellen in het postkantoor waar mensen zelf konden bellen naar bijvoorbeeld het buitenland. Via de verreschrijver had ze zelf contact met telegrafisten in Australië, Canada, Amerika en andere werelddelen. “Soms praatten we nog met hen nadat we een telegram verzonden hadden. We vroegen dan hoe oud ze waren, en of ze een vriend hadden – het soort gesprekken dat je voert als je zeventien of achttien bent. Het was net als e-mailen.”

Het postkantoor op de Neude was echter niet alleen een plek om te werken, het was ook een plek van romantiek. Onder de bogen van de grote hal bloeide de liefde op. “Hij was telegrambesteller. We waren voor het eerst met elkaar uit geweest op 8 mei 1962.” Het was niet toegestaan een relatie te hebben op de werkvloer. Joke werd bij haar chef op het matje geroepen. Hij vertelde haar dat het niveauverschil tussen de twee te groot was. “Ik had MULO gedaan en Leo de ambachtsschool. Mijn chef vroeg of ik niet iemand anders kon krijgen, maar dat was voor mij geen punt. Ik zei er niet veel op. Nu zeggen mensen zo iets terug, maar toen was dat niet zo.” Het mocht niet teveel opvallen dat Joke en Leo samen waren. “We mochten geen gesprekken met elkaar voeren. Dus deden we dat buiten.” In 1963 trouwde het stel. Joke heeft het gelukstelegram dat ze kregen bij hun huwelijk nog altijd bewaard.

Tekst: Nicole Adriaens
Fotografie: Hiske Midavaine